ARBO dienstverlening
Ter ondersteuning van het ARBO-en BHV traject heeft AREHBO deskundige mensen om u te adviseren over de eisen die binnen de ARBO-wet worden gesteld. AREHBO kan u tevens die diensten verlenen die nodig zijn om aan deze eisen van de ARBO-wet te voldoen.
AREHBO biedt de volgende diensten aan:
- risicoinventarisatie en -evaluatie (RI&E).
- werkplekonderzoek.
- opstellen van ontruimingsplannen.
- vervaardigen van ontruimingstekeningen.
- plaatsing van brandblussers, alarminstallaties, vluchtrouteaanduidingen, enz.
Op deze website vindt u verdere werkzaamheden en diensten zoals verkoop en onderhoud verband- en blusmiddelen.
Risicoinventarisatie en -evaluatie (RI&E)
Aan de hand van een checklist wordt uw organisatie doorlopen. Hierbij wordt een rapport gemaakt waarin de organisatie wordt gescreend op tekortkomingen binnen het kader van de wettelijke eis. AREHBO kan u voorzien van advies bij het oplossen/verhelpen van de tekortkomingen. De RI&E moet vervolgens getoetst worden door de ARBO-dienst waarbij de organisatie is aangesloten.
Werkplekonderzoek
Door middel van een controle kan elke werkplek onderzocht worden op veiligheid, gezondheid en welzijn. Bij gevonden gebreken denkt AREHBO mee en doet voorstellen tot het verbeteren van de situatie.
Opstellen van ontruimingsplannen
Om een ontruiming van een gebouw rustig te laten verlopen, is het nodig dat er een ontruimingsplan is. Dit plan stelt een ieder, die in het gebouw aanwezig is, in staat om op de snelst mogelijke manier het gebouw te verlaten. Door het gebruik van plattegronden worden vluchtroutes duidelijk gemaakt. AREHBO kan adviseren bij de plaatsing van alarminstallaties en vluchtrouteaanduidingen.
Vervaardigen van ontruimingstekeningen
Tekeningen waarop de vluchtroutes, uitgangen, nooduitgangen en technische intallaties, alsmede de locaties van verbandkoffers en brandblusapparatuur staan aangegeven, zijn een perfect hulpmiddel om een ontruiming snel en goed te laten verlopen.
Plaatsing van brandblussers, alarminstallaties en vluchtrouteaanduidingen
AREHBO geeft advies over de plaatsing en de periodieke keuring van brandblusapparatuur. Tevens is het mogelijk om de apparatuur via AREHBO aan te schaffen tegen zeer scherpe prijzen. Voor de markering van brandblusapparatuur, maar ook voor diverse andere markeringen kunt u terecht bij AREHBO.
Wist u dat:
|
|
Preventie is een belangrijk onderdeel van de bedrijfshulpverlening. De bedrijfshulpverlening is bedoeld al voorpostfunctie voor de professionele hulpverlening, zoals brandweer, politie en ambulance.
De omvang van de bedrijfshulpverlening binnen een organisatie wordt mede bepaald door het aantal werknemers en overige aanwezige personen. In het algemeen geldt een norm van minimaal één bedrijfshulpverlener op 50 werknemers.Op grond van een risicoinventarisatie is het risicocijfer overeenkomstig het berekeningsmodel gerelateerd aan de richtlijnen van het ministerie van SZW.
Hieruit volgt dat de gemiddelde BHV-bezetting voor kantoren kan worden gesteld op het aantal volgens onderstaand overzicht (personen is inclusief bezoekers):
|
Gemiddeld aantal aanwezige personen |
Minimum aantal gediplomeerde BHV-ers |
|
15 - 49 personen |
2 |
|
50 - 99 personen |
3 |
|
100 - 249 personen |
4 tot 6 |
|
250 - 500 personen |
7 |
|
500 - 749 personen |
8 tot 9 |
|
750 - 999 personen |
10 tot 22 |
|
1000 - of meer personen |
meer dan 22 |
Door aan de wettelijke verplichtingen te voldoen, beperkt u de gevolgen van schade door brand aan uw bedrijf en optimaliseert u de veiligheid van uw werknemers, bezoekers en leerlingen binnen uw bedrijf.
bhv, ede, lunteren, harskamp, otterlo, ederveen, bennekom, barneveld, veenendaal, wageningen, reanimatie, defibrillator, defibrilleren, ehbo, aed, bedrijfshulpverlening, brand..
Bedrijfshulpverlening
Bedrijfshulpverlening (BHV) is de hulp die wordt verleend bij ongewenste gebeurtenissen in een organisatie. Tot deze gebeurtenissen behoren naast brand en ongelukken ook de overige calamiteiten zoals bijvoorbeeld een bommelding. Al deze gebeurtenissen kunnen een grote impact hebben op de bedrijfsprocessen en kunnen de veiligheid en/of gezondheid van de werknemers en andere aanwezigen ernstig bedreigen.
Wetgeving
In Richtlijn 89/391/EEG, van 12 juni 1989, van de Raad van de Europese Gemeenschappen, betreffende de tenuitvoerlegging van maatregelen ter bevordering van de verbetering van de veiligheid en de gezondheid
van de werknemers op het werk, zijn verplichtingen vastgelegd voor werkgevers en werknemers over veiligheid en gezondheid op het werk. Alle landen van de Europese Unie moeten deze richtlijn verwerken tot nationale wetgeving en in Nederland is dit terug te vinden in de Arbeidsomstandighedenwet. In deze Wet wordt onder andere gesproken van het verlenen van deskundige bijstand op het gebied van bedrijfshulpverlening. Werknemers die deze deskundige bijstand binnen een bedrijf of instelling verlenen, worden bedrijfshulpverleners (BHV'ers) genoemd. Alle bedrijfshulpverleners van een organisatie vormen samen de BHV-organisatie. Sinds 1994 is bedrijfshulpverlening in organisaties verplicht. Voor sommige organisaties worden uitzonderingen gemaakt, maar als bijzondere gevaren aanwezig zijn, kan worden bepaald dat deze regel ook op hen van toepassing is.
De belangrijkste veranderingen op een rijtje:
- Meer eigen verantwoordelijkheid
- Wijzigingen in de nieuwe wet :
- Minder regels
- Arbeidsomstandighedenspreekuur vervalt
- Aangepaste bedrijfshulpverlening (BHV)
- Jaarlijkse rapportage vervalt
- Melding en registratie ongevallen verplicht
- Voorwaarden preventiemedewerker gewijzigd
- Psychosociale arbeidsbelasting uitgebreid
- Toetsing RI&E-toets versoepeld
- Toegang tot Arbodeskundige geregeld in RI&E
- Invoering van Arbocatalogi
- Andere controle door Arbeidsinspectie
- Grenswaarden voor chemische stoffen
Meer verantwoordelijkheid
Werkgevers en werknemers krijgen meer verantwoordelijkheid voor het arbobeleid. De overheid stelt wel doelvoorschriften (link naar hoofdstuk doelvoorschriften met daarin link naar 1) wijzigingen doelvoorschriften 2)Stoffen. Voor tekst stoffen zie Bijlage1) vast. Dat is het niveau van bescherming dat bedrijven moeten bieden aan de werknemers, zodat zij veilig en gezond kunnen werken. Deze doelvoorschriften worden zoveel als mogelijk concreet beschreven in de Arbowet, het Arbobesluit en de Arboregeling. Een voorbeeld is het nemen van maatregelen als het gevaar bestaat om 2,5 meter of meer te vallen of het voorschrift dat het geluidsniveau op de arbeidsplaats niet hoger mag zijn dan 85 decibel. Daarna is het aan de werknemers en werkgevers om te bepalen op welke manier zij invulling geven aan deze doelvoorschriften. De werkgever voert overleg over het arbobeleid met de ondernemingsraad of de personeelsvertegenwoordiging. Vervolgens stellen werkgevers en werknemers binnen hun branche zogenoemde arbocatalogi op.
Zodra werkgevers en werknemers een positief getoetste arbocatalogus hebben opgesteld voor een sector, worden de beleidsregels voor die sector ingetrokken. Op 1 januari 2010 worden alle arbobeleidsregels ingetrokken.
Minder regels
Er komen zo min mogelijk Nederlandse regels boven op de regels van de Europese Unie. Alleen als het echt nodig is, blijven aanvullende regels bestaan; bijvoorbeeld bij het werken met professioneel vuurwerk. Voor vrijwilligers gelden uitsluitend nog de regels uit het Arbobesluit als het gaat om ernstige arbeidsrisico’s, zoals valgevaar of het werken met gevaarlijke stoffen.
Arbeidsomstandighedenspreekuur vervalt
De algemene verplichting om een arbospreekuur in te stellen vervalt. In de RI&E (risico-inventarisatie en -evaluatie) moet aandacht worden besteed aan de toegang van werknemers tot de arbodeskundigen. Dit kan een deskundige zijn die behoort tot de arbodienstverlening, zoals een bedrijfsarts, arbeidshygiënist, hogere-veiligheidskundige, arbeids- en organisatiedeskundige of een deskundige werknemer (preventiemedewerker). Het staat de werkgever vrij om in overleg met de OR of pvt werknemers ook toegang te verlenen tot andere deskundige werknemers, zoals een bedrijfsverpleegkundige, bedrijfspsycholoog of bedrijfsfysiotherapeut, of externe deskundigen op het terrein van arbeidsomstandigheden.
Aangepaste bedrijfshulpverlening (BHV)
De werkgever moet de BHV-organisatie afstemmen op de aard, grootte en specifieke risico’s van zijn onderneming. De werkgever kan zelf de BHV-taken op zich nemen, maar moet wel ten minste één werknemer aanwijzen die hem vervangt bij afwezigheid.
Jaarlijkse rapportage vervalt
De werkgever moet overleg voeren met de OR of pvt en belanghebbende werknemers. Daarbij moet actief informatie worden uitgewisseld over alles wat te maken heeft met het arbobeleid. De jaarlijkse schriftelijke rapportage over de uitvoering van het plan van aanpak vervalt.
Melding en registratie ongevallen verplicht
Werkgevers zijn verplicht ernstige ongevallen die hun werknemers tijdens de arbeid overkomen te melden bij de Arbeidsinspectie. Arbeidsongevallen moeten gemeld worden als zij de dood, een ziekenhuisopname of blijvend letsel tot gevolg hebben. Gemelde ongevallen worden door de Arbeidsinspectie onderzocht. Het opstellen en toesturen van een schriftelijke rapportage is alleen verplicht als de Arbeidsinspectie daarom vraagt.
Alle ongevallen die tot meer dan drie dagen ziekteverzuim leiden, moet de werkgever registreren. De wijze van registreren wordt aan de werkgevers zelf overgelaten. Met de nieuwe Arbowet vervalt de plicht van de werkgever om de werknemersvertegenwoordiging en bedrijfshulpverleners actief van de melding op de hoogte te brengen. De informatie moet wel beschikbaar zijn voor iedereen.
Voorwaarden preventiemedewerker gewijzigd
In organisaties met maximaal 25 werknemers mag de werkgever zelf als preventiemedewerker optreden. In de huidige wet mag dat alleen in een onderneming met niet meer dan 15 werknemers.
Psychosociale arbeidsbelasting uitgebreid
Het begrip psychosociale arbeidsbelasting (PSA), dat de onderwerpen seksuele intimidatie, agressie en geweld behelst, wordt uitgebreid met pesten en werkdruk. De PSA-beleidsvoeringsverplichting in de Arbowet houdt in dat het beleid gericht moet zijn op voorkoming van PSA.
Toetsing RI&E-toets versoepeld
Als een RI&E-instrument is afgesproken in een CAO en als dit instrument getoetst is door een deskundige, dan is bij de RI&E die wordt uitgevoerd met dit instrument geen toets door de arbodienst meer nodig. Dit geldt bij ondernemingen met in de regel ten hoogste 25 werknemers (was 10 werknemers).
Toegang tot Arbodeskundige geregeld in RI&E
In de RI&E moet aandacht worden besteed aan de toegang van werknemers tot een arbodeskundige. Dit kan een deskundige zijn die behoort tot de arbodienstverlening, zoals een bedrijfsarts, arbeidshygienst, hogere-veiligheidskundige, arbeids- en organisatiedeskundige of een deskundige werknemer (preventiemedewerker). Het staat de werkgever vrij om in overleg met de OR of personeelsvertegenwoordiging (pvt) werknemers ook toegang te verlenen tot andere deskundige werknemers, zoals een bedrijfsverpleegkundige, bedrijfspsycholoog of -fysiotherapeut, of externe deskundigen op het terrein van arbeidsomstandigheden.
Invoering arbocatalogi
Werkgevers en werknemers stellen doorgaans binnen hun branche zogenoemde arbocatalogi op. Hierin staan de verschillende methoden en oplossingen beschreven die van werkgevers en werknemers om te voldoen aan de doelvoorschriften die de overheid stelt. Bijvoorbeeld: beschrijvingen van technieken en methoden, goede praktijken, normen en praktische handleidingen. De verantwoordelijkheid voor de arbocatalogi ligt volledig bij de werkgevers en werknemers (of organisaties van werkgevers en werknemers, bijvoorbeeld binnen een bepaalde sector).
Controle Arbeidsinspectie
De Arbeidsinspectie controleert op basis van de wet- en regelgeving, en de invulling daarvan door werkgevers en werknemers in arbocatalogi. De Arbeidsinspectie stelt voor werkgevers en werknemers speciale branchebrochures op. In de brochure is informatie opgenomen over welke verplichtingen de werkgever heeft en hoe een bedrijfsinspectie verloopt. Ook zijn de belangrijkste arbeidsrisico’s in de branche uitgewerkt. Doorgaans zijn dit de belangrijkste aandachtspunten bij een inspectie. Bij misstanden treedt de Arbeidsinspectie hard op. De maximale boetes die de Arbeidsinspectie kan opleggen, worden verdubbeld.
Waarom Arehbo wettelijke bepalingen bedrijfshulpverlening opleiding ehbo voorlichting kleine blusmiddelen
Grenswaarden voor chemische stoffen
Tot nu toe werden er voor chemische stoffen MAC-waarden gesteld door de overheid; dit zijn blootstellingswaarden om een veilig gebruik van deze chemische stoffen in bedrijven mogelijk te maken. De verschillende lijsten met MAC-waarden omvatten samen zo'n 700 stoffen. Voor alle overige stoffen moesten door bedrijven een soortgelijke blootstellingswaarde worden gehanteerd, om een veilig gebruik van chemische stoffen mogelijk te maken.
De belangrijkste veranderingen
Werkgevers en werknemers zijn zelf verantwoordelijk voor het veilig werken met chemische stoffen. Het vaststellen van grenswaarden is hier onderdeel van. Private grenswaarden zijn het uitgangspunt voor het nieuwe stelsel.
MAC-waarden vervalt
De overheid stelt publieke grenswaarden vast voor een beperkt aantal chemische stoffen vast; de term MAC-waarden vervalt. Deze grenswaarden zijn opgenomen in bijlage XIII van de nieuwe Arbeidsomstandighedenregeling. Bijlage XIII A bevat grenswaarden voor ongeveer 120 stoffen (die geen kankerverwekkende stof zijn), bijlage XIII B bevat grenswaarden voor ongeveer 50 kankerverwekkende stoffen.
Bijlage XIII B bevat dezelfde kankerverwekkende stoffen waarvoor nu MAC-waarden gelden. Bijlage XIII A bevat in eerste instantie alle chemische stoffen met de Europese verplichting om nationale grenswaarden te stellen, aangevuld met chemische stoffen waarvoor een speciale aanleiding is om door de overheid een grenswaarde te laten stellen.
Gezondheidskundige waarde
De overheid stelt grenswaarden voor chemische stoffen in bijlage XIII A vast op het niveau van de gezondheidskundige waarde, zoals bijvoorbeeld geadviseerd door de Gezondheidsraad. Dit is een wijziging vergeleken met de vaststelling van MAC-waarden voor deze groep stoffen, waarvoor de SER per chemische stof adviseerde over een in alle bedrijven haalbare blootstellingswaarde; dit advies is in de meeste gevallen gevolgd bij het vaststellen van de MAC-waarden. De MAC-waarde kon dus hoger zijn dan de gezondheidskundige waarde. Bedrijven moesten extra beschermingsmaatregelen nemen als deze voor het bedrijf in kwestie haalbaar waren.
Drempelwaarde
De overheid stelt grenswaarden voor kankerverwekkende chemische stoffen in bijlage XIII B vast op het niveau van een drempelwaarde (als deze er is; dit is een gezondheidskundig veilige waarde die bijvoorbeeld door de Gezondheidsraad wordt vastgesteld), dan wel op het niveau van het resultaat van de haalbaarheidstoets die door de SER voor deze groep stoffen wordt uitgevoerd. Het streven is om alle grenswaarden voor kankerverwekkende stoffen waarvoor door bijvoorbeeld de Gezondheidsraad geen drempelwaarde kan worden vastgesteld, maximaal vast te stellen op het niveau van een extra kankerrisico van 1 op de miljoen werknemers. Het resultaat van de haalbaarheidstoets kan echter zijn dat (tijdelijk) een hogere grenswaarde voor een kankerverwekkende stof wordt vastgesteld. Bedrijven moeten extra beschermingsmaatregelen nemen als deze voor het bedrijf in kwestie haalbaar zijn. Deze hogere grenswaarden worden periodiek opnieuw door de SER bekeken met het doel de grenswaarde (op termijn) te kunnen verlagen naar het niveau van extra kankerrisico van 1 op de miljoen werknemers.
Leidraad
Voor de meeste chemische stoffen op de werkplek ontbreekt een door de overheid vastgestelde grenswaarde. Voor alle, dus ook deze, chemische stoffen geldt dat een veilig gebruik van deze stoffen in bedrijven mogelijk moet zijn. Om bedrijven hierbij te helpen worden onder leiding van de SER een leidraad ontwikkeld. Dit wordt een digitaal instrument dat de bedrijven begeleidt in de keuzes om te komen tot een veilig gebruik van alle chemische stoffen, in de specifieke bedrijfssituaties.
Instrumenten
Er zijn meer instrumenten ontwikkeld die het bedrijven makkelijker maakt om veilig met chemische stoffen te werken, zie hiervoor de website van het programma Versterking Arbobeleid Stoffen: vast.szw.nl
Met de inwerkingtreding van het Besluit bedrijfshulpverlening op 1 januari 1994 is voor de werkgever de verplichting ontstaan één of meer werknemers aan te wijzen die de taak van bedrijfshulpverlener (BHV-er) op zich nemen.
In artikel 15 van de Arbowet zijn de taken van de bedrijfshulpverlener omschreven.
- Het verlenen van eerste hulp bij ongevallen.
- Het beperken en bestrijden van een beginnende brand.
- Het voorkomen en beperken van ongevallen.
- Het in noodsituaties alarmeren en evacueren van alle werknemers en andere personen in het bedrijf.
- Het alarmeren van en samenwerken met de professionele hulpverleningsorganisaties.
Het is voor elk bedrijf noodzakelijk een risicoinventarisatie en – evaluatie uit te (laten) voeren. Deze inventarisatie is de basis voor o.a. de organisatie van de bedrijfshulpverlening.
De risicoinventarisatie en – evaluatie bestaat uit de volgende onderdelen:
- Beschrijving van risico’s.
- Vaststelling van prioriteiten.
- Concrete maatregelen en voorzieningen.
verkoop blusmiddelen verkoop Lifeline defibrillator verkoop verbandtrommel verkoop Evac+chair
bhv, ede, lunteren, harskamp, otterlo, ederveen, bennekom, barneveld, veenendaal, wageningen, reanimatie, defibrillator, defibrilleren, ehbo, aed, bedrijfshulpverlening, brand..
Waarom AREHBO
|
Ontruimings en calamiteitenplannen
Volgens de Arbowetgeving moet een werkgever zorg dragen voor een veilige werkomgeving. Dit houdt concreet in dat u als werkgever zorg moet dragen voor een ontruimings- en calamiteitenplan. Arehbo service en advies is gespecialiseerd in het maken van de zojuist genoemde plannen en garandeert u dat de plannen zullen voldoen aan de laatst geldende richtlijnen.
Om u beter en meer inzicht te geven in de verschillende plannen, zullen zij nu eerst nader worden toegelicht.
Ontruimingsplan
"Een ongelukje zit in een klein hoekje"!
Ondanks alle voorzorgsmaatregelen kan het gebeuren dat uw pand als gevolg van calamiteit ontruimd moet worden. In dergelijke situaties is het zaak dat de aanwezigen het gebouw zo snel mogelijk verlaten. Een ontruiming moet zijn voorbereid en in veel gevallen zal er zodoende een plan moeten worden opgesteld.
Een ontruimingsplan heeft tot doel dat:
- Er ten tijde van een calamiteit een duidelijk en werkbaar ontruimingsplan paraat is en uw gebouw snel en veilig ontruimd kan worden.
- Uw eigen organisatie een ontruiming in gang kan zetten, voordat de professionele hulpdiensten ter plaatse zijn.
- Een omschrijving ten aanzien van de wijze waarop het gebouw gecoördineerd ontruimd moet worden.
- Instructies voor de medewerkers, die tijdens de ontruiming taken moeten vervullen.
- Plattegrondtekeningen.
- Instructies voor de medewerkers, die tijdens de ontruiming taken moeten vervullen.
- De wijze waarop de (brand)melding wordt doorgegeven.
- De wijze waarop de aanwezige personen worden gealarmeerd.
- De taken van verschillende personen die de ontruiming moeten begeleiden.
- Plaats(en) waar men zich na ontruiming dient te verzamelen.
- Nazorg en continuïteit.
- De wijze waarop de aanwezige personen worden gealarmeerd.
Calamiteitenplan
Een calamiteitenplan is een overzicht van de door de organisatie genomen maatregelen en voorzieningen om effecten van calamiteiten te minimaliseren en te bestrijden.
Een calamiteitenplan geeft:
- Een zo volledig mogelijk inzicht in de reeds genomen maatregelen voor het bestrijden van een calamiteit. Hierbij kunt u denken aan brandblusmiddelen, communicatiemiddelen en medische voorzieningen.
- Een overzicht van afspraken die gemaakt zijn ten aanzien van melding, waarschuwing omgeving, evacuatie, externe hulpverlening en bestrijding van de calamiteit.
- Een handleiding met procedures en instructies voor de verantwoordelijke medewerkers om snel de juiste maatregelen te nemen. Waarmee aansluiting wordt verkregen op de (verplichte) bedrijfshulpverleningsorganisatie.
- Een overzicht van afspraken die gemaakt zijn ten aanzien van melding, waarschuwing omgeving, evacuatie, externe hulpverlening en bestrijding van de calamiteit.
Wenst u meer informatie over het laten maken van ontruimings- en calamiteitenplannen, neemt u dan geheel vrijblijvend contact met ons op.
Het ontstaan van de Risicoinventarisatie.
Vanaf halverwege 2007 Arbowet op een aantal punten gewijzigd t.o.v. de oudere wet van 1994. Op grond hiervan zijn alle bedrijven en instellingen verplicht een risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) uit te voeren. In artikel 4 van de Arbowet staat dat elk bedrijf een arbeidsomstandighedenbeleid moet voeren dat gebaseerd is op de resultaten van de RIE. In 2007 is daarbij gekomen dat een bedrijf of instelling een preventiemedewerker moet aanstellen die de taken kan uitvoeren die binnen dit beleid vallen.
Het doel van de RIE
- Verkrijgen van algemeen inzicht in de mate waarin zorg voor de arbeidsomstandigheden aandacht krijgt in het bedrijf;
- Verkrijgen van inzicht in de gevaren en de hieraan verbonden risico’s op het gebied van veiligheid, gezondheid en welzijn, waaraan de medewerkers worden blootgesteld;
- Op grond van de verkregen inzichten kunnen formuleren van maatregelen om risico’s te elimineren of te beperken en beheersbaar te maken;
- Het kunnen formuleren van criteria voor de inhoud en opzet van arbo- en verzuimbeleid en het wettelijke verplichte periodiek arbeidsgezondheidskundig onderzoek (PAGO).
- Verkrijgen van inzicht in de gevaren en de hieraan verbonden risico’s op het gebied van veiligheid, gezondheid en welzijn, waaraan de medewerkers worden blootgesteld;
Uit ervaring weten wij dat veel bedrijven zich onvoldoende bewust zijn van hun verplichtingen inzake de Arbowet. Onze werkwijze is er zodoende op gericht om niet alleen te voldoen aan wettelijke verplichtingen maar tevens bewustwording bij bedrijven te creëren. De risico-inventarisatie wordt getoetst door een gecertificeerde Arbodienst, waarmee het bedrijf kan aantonen dat de risico-inventarisatie aan de wettelijke eisen voldoet.
RIE voor Scholen
Arehbo heeft veel ervaring in het opstellen van Risicoinventarisatie op scholen. Aan de hand van uitgebreide checklijsten en vragen lijsten wordt een inventarisatie gemaakt. Interviews met onderwijzend personeel maar ook met studenten / scholieren geven een goed beeld over de omstandigheden op de school. Een goed voorbeeld van een Risico op scholen is de toenemende vorm van gebrek aan veilgheid op scholen. Veiligheid heeft zich de afgelopen jaren als een belangrijk thema binnen onderwijsinstellingen ontwikkeld. De overheid noemt een integraal en samenhangend veiligheidsbeleid als een belangrijke
doelstelling binnen het onderwijs. Scholen moeten op grond van Artikel 3 uit de Arbeidsomstandighedenwet, net als andere bedrijven, beschikken over een veiligheidsplan. Veiligheidscoördinatoren op scholen mogen zich laten adviseren en Arehbo kan daarin een uitgesproken partner zijn. lees hier verder
Meer weten? Neemt u dan geheel vrijblijvend contact op met ons.
Om de bedrijfshulpverlening goed te kunnen organiseren is het vaak nodig een bedrijfsnoodplan te vervaardigen. Dit kan voor kleine organisaties betekenen dat een ontruimingsplan gemaakt wordt. Bij grotere organisaties ligt dat vaak complexer omdat er meer mensen bij betrokken zijn en het object groter is. Dan kan besloten worden om een BHV-plan of een bedrijfsnoodplan te maken. Voor welke opzet u kiest, wordt bepaald door de wettelijke eisen, uw ambitieniveau en het bedrijfsbelang.
Het bovenstaande ziet er als volgt uit:
- Bepalen ambitieniveau
- Ontruimingsplan NTA 8112
- BHV plan
- Bedrijfsnoodplan
Ontruimingsplan
(conform Nederlands Technische Afspraken van de NEN, NTA 8112)
Dit plan geeft aan hoe een gebouw of een gedeelte hiervan ontruimt moet worden zodra zich een calamiteitensituatie voordoet, waar de verzamelplaatsen zich bevinden, waar de vluchtwegen zijn gelegen en hoe de alarmering verloopt. Bovendien voorziet het plan in een taakverdeling tussen het personeel en de bedrijfshulpverleners. Daarnaast bevat dit plan diverse instructiekaarten. Het ontruimingsplan wordt voorzien van ontruimingstekeningen. Het ontruimingsplan is een op zichzelf staand plan en kan zodoende ter beschikking gesteld worden aan bijvoorbeeld de brandweer. Daarnaast kan het dienen als eis in het kader van de gebruiksvergunning.
BHV-plan
Het BHV-plan bestaat uit een kaderplan en een ontruimingsplan. Het kaderplan bevat structuren waarbinnen de bedrijfshulp-verleningsorganisatie inhoud gegeven wordt.
Te denken valt hierbij aan;
- Het organogram bedrijfshulpverlening;
- De taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden van diverse functionarissen binnen de BHV –organisatie;
- Procedures rondom werving, selectie en aanstelling van leden van de BHV –organisatie
- Opleiding en oefeningen voor medewerkers
- Methodiek van communicatie op diverse momenten
- De middelen welke ter beschikking van de BHV organisatie staan.
- Borging van de gemaakte afspraken
Als belangrijk hulpmiddel ter ontwikkeling van het BHV –plan wordt de Risico Inventarisatie en Evaluatie (R.I.& E.) gezien en, waar mogelijk, gebruikt.
Op basis van bovenstaande wordt aan het kaderplan toegevoegd;
- Het reglement bedrijfshulpverlening
- Het communicatieplan Bedrijfshulpverlening
- Het opleiding- en oefenplan
- Het middelenplan
- De begrotingsmatrix BHV
Bedrijfsnoodplan
Het bedrijfsnoodplan is het meest omvattende plan.
Dit BNP is de leidraad, waarin is aangegeven hoe een bedrijf of instelling omgaat met allerhande noodsituaties en de eventuele gevolgen die hieruit voortkomen. Het bedrijfsnoodplan bestaat uit het BHV-plan, aangevuld met de volgende supplementen:
Beveiligingsplan
Een overzicht van de organisatorische, bouwkundige en technische maatregelen die genomen zijn in verband met de ‘security’.
Veiligheidsplan
Het veiligheidsplan geeft een overzicht van de maatregelen welke preventief genomen zijn in verband met de ‘safety’.
Continuïteitsplan
Na een calamiteit moeten de bedrijfsactiviteiten zoveel mogelijk doorgaan. In het continuïteitsplan zijn maatregelen dienaangaande opgenomen.
Arehbo heeft mensen in dienst die met behulp van autocad diverse tekeningen voor u kunnen maken. Denkt u bijvoorbeeld aan de tekeningen voor het ontruimingsplan. Op deze tekeningen kunnen de vluchtwegen worden aangegeven zodat de bezoekers van uw gebouw precies weten waar ze heen moeten in geval van een calamiteit. Een scala aan mogelijkheden wordt hier verder opgesomd
Bereikbaarheidskaarten
Een bereikbaarheidskaart voorziet de brandweer van een snelle beeldvorming van de specifieke kenmerken en de bereikbaarheid van een gebouw. Ze worden daarom ook gemaakt ten behoeve van de brandweer.
Vluchtwegtekeningen
Vluchtwegtekeningen hebben tot doel om mensen te helpen de vluchtweg te zien en de uitgangen te vinden. Deze tekeningen worden op diverse, strategische, plaatsen in een gebouw geplaatst. Door op deze tekeningen tevens de hulpmiddelen voor de bedrijfshulpverleners aan te geven kan snel en accuraat van de betreffende voorzieningen gebruik gemaakt worden.
Ontruimingstekeningen
Ontruimingstekeningen zijn een onderdeel van het ontruimingsplan. Ze dienen de BHV-organisatie en eventueel brandweer een goed inzicht te geven van de gebouwstructuur en hen inzichtelijk te maken waar zich diverse belangrijke bouwkundige en technische voorzieningen bevinden.
"Op maat" tekeningen
Ten behoeve van de verschillende functies binnen de BHV-organisatie kunnen specialistische tekeningen worden gemaakt welke ten tijde van een calamiteit gebruikt kunnen worden zodat de inzet sneller en effectiever kan verlopen. In complexe organisaties, bijvoorbeeld een ziekenhuis, kan gebruik gemaakt worden van specifieke etagetekeningen.
Pictogrammenkaarten
Door middel van grafische symbolen, welke ook gebruikt worden op vluchtwegtekeningen, wordt aangegeven hoe te handelen in noodsituaties. Deze symbolen kunnen op elk gewenst formaat worden verwerkt en vervolgens op strategische plaatsen worden opgehangen. Omdat de gebruikte symbolen algemeen gangbaar zijn, kan iedereen op een snelle manier duidelijk worden gemaakt hoe te handelen in noodsituaties. Tevens voorkomen symbolen communicatieproblemen.
Algemene voorwaarden ‘Arehbo service en advies’
Artikel 1. Definities
- Opdrachtgever: de natuurlijke persoon of rechtspersoon, met wie een overeenkomst met betrekking tot deelname aan een cursus is gesloten.
- Cursist: de natuurlijke persoon die feitelijk namens de opdrachtgever aan de cursus deelneemt.
- Cursus: cursus, training, workshop, coachen, counseling of enige andere bijeenkomst met als doel het overbrengen en/of vergroten van kennis en/of vaardigheden.
- Open cursus: cursus met deelname door cursist(en) uit verschillende bedrijven en/of organisaties.
- ’In Company’-cursus: cursus met deelname door cursist(en) uit hetzelfde bedrijf en/of organisatie.
- Voorwaarden: onderhavige algemene voorwaarden.
Artikel 2. Toepasselijkheid
1. De voorwaarden zijn van toepassing op alle offertes, algemene aanbiedingen, (rechts)handelingen, overeenkomsten en dergelijke van ‘Arehbo service en advies’, ongeacht of deze samenhangen met, dan wel volgen op reeds gedane offertes, algemene aanbiedingen, (rechts)handelingen, overeenkomsten en dergelijke.
2. Wijzigingen van of aanvullingen op de voorwaarden dienen door opdrachtnemer uitdrukkelijk en schriftelijk te worden bevestigd.
3. Een inschrijving op de wijze als vermeld in artikel 3 lid 1 of het accepteren van een offerte als bedoeld in artikel 4 lid 2 impliceert aanvaarding van de toepasselijkheid van deze voorwaarden.
4. Toepasselijkheid van algemene voorwaarden van de opdrachtgever is uitgesloten voor zover deze in strijd zijn met deze voorwaarden.
Artikel 3. Inschrijving en bevestiging open cursus
1. Inschrijving voor de door ‘Arehbo service en advies’ te verzorgen open cursussen kan door opdrachtgever plaatsvinden door het inzenden per post of per fax van het volledig ingevulde inschrijfformulier, via de website, telefonische aanmelding of door aanmelding per e-mail/elektronische post.
2. ‘Arehbo service en advies’ bevestigt een inschrijving die is gedaan op de wijze als in het voorgaande lid vermeld steeds schriftelijk (per post, fax, e-mail of anderszins). Door verzending van deze bevestiging komt de overeenkomst met betrekking tot deelname aan de betreffende cursus tot stand. Het bewijs van de totstandkoming van de overeenkomst kan echter door partijen ook met andere middelen bewezen worden.
3. De opdrachtbevestiging geeft de (inhoud van de) overeenkomst weer, behoudens tegenbewijs.
Artikel 4. Overeenkomst ter zake ’in Company’-cursus
1. Ter zake een ’in Company’-cursus zal opdrachtgever een offerte aanvragen bij ‘Arehbo service en advies’.
2. De overeenkomst met betrekking tot deelname aan een ’in Company’-cursus komt tot stand door integrale acceptatie van de offerte.
3. De inhoud van de offerte geldt als weergave van de overeenkomst. Een afwijkende acceptatie van de offerte geldt als verwerping van de oorspronkelijke offerte en als een uitnodiging tot het doen van een nieuwe offerte. ‘Arehbo service en advies’ is niet verplicht tot het opstellen van een nieuwe offerte.
Artikel 5. Prijzen van open cursus
1. Bij inschrijving via een inschrijfformulier of telefonische aanmelding gelden de cursusprijzen, zoals deze zijn vermeld in de meest recente cursusbrochure die door ‘Arehbo service en advies’ is uitgegeven c.q. verspreid, ongeacht of de opdrachtgever deze kent.
2. Bij aanmelding voor een cursus middels het aanmeldingsformulier op basis van een mailing gelden de prijzen als vermeld in die mailing.
3. Bij inschrijving door middel van invulling van het formulier via internet en verzending per e-mail/elektronisch post gelden de prijzen zoals deze ten tijde van de aanmelding op internet zijn vermeld.
4. In de cursusprijzen zijn de kosten voor het cursusmateriaal inbegrepen, tenzij anders is vermeld.
5. Als op een cursus BTW van toepassing is, zijn vermelde prijzen exclusief BTW en worden inclusief BTW in rekening gebracht.
6. Prijzen kunnen op grond van onvoorziene omstandigheden worden aangepast.
7. Prijzen zullen worden aangepast bij wijzigingen in het Btw-regime en/of de hoogte van de geldende Btw-tarieven.
Artikel 6. Prijzen van ’in Company’-cursus
1. De cursusprijs die is vermeld in de offerte is slechts bindend gedurende de geldigheidsduur van die offerte.
2. In de geoffreerde cursusprijs zijn de kosten voor het cursusmateriaal inbegrepen, tenzij anders is vermeld.
3. Als op een cursus BTW van toepassing is, zijn vermelde prijzen exclusief BTW en worden inclusief BTW in rekening gebracht.
4. Prijzen kunnen op grond van onvoorziene omstandigheden worden aangepast.
5. Prijzen zullen worden aangepast bij wijzigingen in het Btw-regime en/of de hoogte van de geldende Btw-tarieven.
Artikel 7. Betaling
1. Na inschrijving voor een cursus zoals vermeld in artikel 3 of na acceptatie van de offerte als bedoeld in artikel 4 zendt ‘Arehbo service en advies’ een factuur met betrekking tot de cursus aan de opdrachtgever.
2. Betaling door de opdrachtgever dient integraal te geschieden binnen 14 dagen na factuurdatum, doch uiterlijk voor aanvang van de eerste cursusdag, zonder enig recht op korting of verrekening, op het kantoor van ‘Arehbo service en advies’ of door middel van storting op een door ‘Arehbo service en advies’ aangewezen bank- of girorekening.
3. Indien de opdrachtgever niet binnen de in lid 2 van dit artikel genoemde termijn heeft betaald, is hij van rechtswege in verzuim zonder dat een nadere ingebrekestelling vereist is. De opdrachtgever is in dat geval tevens zonder nadere sommatie vanaf de vervaldatum tot de datum van algehele voldoening een rente verschuldigd van 1% per maand, berekend over het openstaande factuurbedrag, waarbij een deel van een maand wordt beschouwd als een hele.
4. Indien de opdrachtgever niet dan wel niet tijdig betaalt, zijn de daaruit voor ‘Arehbo service en advies’ voortvloeiende kosten voor rekening van de opdrachtgever. Onder deze kosten zijn begrepen alle gerechtelijke en buitengerechtelijke kosten, zoals de kosten van sommatie, incasso, raadsman/advocaat. De buitengerechtelijke kosten worden gesteld op ten minste 15% van het te vorderen bedrag.
5. Indien voor aanvang van de cursus niet de volledige betaling van de cursusprijs door ‘Arehbo service en advies’ is ontvangen, dan is de cursist niet gerechtigd aan de cursus deel te nemen, zonder dat dit de opdrachtgever ontslaat van de verplichting tot betaling van de volledige cursusprijs plus eventueel bijkomende kosten.
Artikel 8. Verplaatsing data ’in Company’-cursus door de opdrachtgever
Een cursusdagdeel kan tot vier weken voor de afgesproken datum in overleg kosteloos worden verplaatst naar een andere datum. Bij verplaatsing korter dan vier weken - en langer dan een (1) week - voor datum wordt 50% van het cursusbedrag in rekening gebracht. Bij verplaatsing binnen een (1) week voor de afgesproken datum is het volledige cursusbedrag verschuldigd.
Artikel 9. Annulering open cursus door de opdrachtgever
1. Annulering door de opdrachtgever van de overeenkomst ter zake een open cursus is uitsluitend mogelijk bij aangetekend schrijven tot uiterlijk vier (4) weken voor de geplande eerste cursusdag.
2. Bij annulering tot vier (4) weken voor de eerste cursusdag wordt € 25,- (excl. BTW) in rekening gebracht. Bij annulering vanaf vier (4) weken tot één week voor de eerste cursusdag zal 50% van het verschuldigde cursusbedrag als annuleringskosten in rekening worden gebracht. Bij annulering binnen één (1) week voor de eerste cursusdag is het volledige cursusgeld verschuldigd en heeft de opdrachtgever geen recht op restitutie van het reeds betaalde bedrag.
3. Annulering door de opdrachtgever van de cursusovereenkomst na aanvang van de cursus is niet mogelijk.
Artikel 10. Verhindering van de cursist
1. Indien een cursist verhinderd is deel te nemen aan de cursus, is vervanging door een andere cursist mogelijk, mits de vervanger uiterlijk een (1) week voor de eerste cursusdag wordt aangemeld bij ‘Arehbo service en advies’ Voor deze vervanging is de opdrachtgever geen extra kosten verschuldigd.
2. Een verhinderde cursist kan op verzoek worden overgeboekt naar eenzelfde cursus op andere data of datum. Bij overboeking na drie (3) weken voor startdatum worden administratiekosten ad € 17,50 in rekening gebracht. Bij overboeking binnen een (week) voor de eerste cursusdag bedragen deze kosten 25% van de cursusprijs, met een minimum van € 17,50.
Artikel 11. Annulering door ‘Arehbo service en advies’
‘Arehbo service en advies’ behoudt zich het recht voor de cursus te annuleren tot uiterlijk drie (3) dagen voor de eerste cursusdag. De opdrachtgevers worden hieromtrent onverwijld op de hoogte gesteld. ‘Arehbo service en advies’ zal het door de opdrachtgever betaalde cursusgeld restitueren. Indien mogelijk biedt ‘Arehbo service en advies’ de opdrachtgever een alternatief aan. Indien de opdrachtgever hiervan gebruik maakt wordt het cursusgeld niet gerestitueerd.
Artikel 12. Aansprakelijkheid
1. ‘Arehbo service en advies’ is niet aansprakelijk voor enige schade die veroorzaakt is door of verband houdt met deelname aan een cursus van ‘Arehbo service en advies’ of de annulering van de cursusovereenkomst door ‘Arehbo service en advies’, tenzij aan ‘Arehbo service en advies’ opzet of grove schuld kan worden verweten.
2. Indien ‘Arehbo service en advies’ op enig moment ondanks het bepaalde in lid 1 wel aansprakelijk is voor enige schade, dan zal deze beperkt zijn tot maximaal het factuurbedrag.
3. Indirecte schade wordt niet vergoed.
Artikel 13. Intellectuele eigendom
1. Het verstrekte cursusmateriaal wordt eigendom van de opdrachtgever. De rechten van het intellectuele eigendom met betrekking tot de cursus, het cursusmateriaal en eventuele overige stukken/producten met betrekking tot de cursus worden door ‘Arehbo service en advies’ voorbehouden.
2. Zonder uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van ‘Arehbo service en advies’ is de opdrachtgever niet gerechtigd gegevens uit en/of gedeelten en/of uittreksels van het verstrekte cursusmateriaal te openbaren, te exploiteren of, op welke wijze dan ook, te verveelvoudigen.
Artikel 14. Vervanging docent of trainer
‘Arehbo service en advies’ is te allen tijde gerechtigd een docent of trainer, door haar met de uitvoering van de cursusovereenkomst belast, te vervangen door een andere docent of trainer.
Artikel 15. Reclame
1. De opdrachtgever dient een reclame met betrekking tot de uitvoering van de cursusovereenkomst of een met de cursus samenhangende administratieve procedure schriftelijk kenbaar te maken binnen 8 dagen na aanvang van de cursus en deze te richten aan de directeur van ‘Arehbo service en advies’. Aangaande de reclame zal een schriftelijke reactie volgen.
2. Reclames aangaande de factuur dienen binnen 8 dagen na factuurdatum op dezelfde wijze als in lid 1 vermeld kenbaar te worden gemaakt, waarna de afhandeling eveneens schriftelijk zal plaatsvinden.
Artikel 16. Toepasselijk recht
1. Op alle offertes, algemene aanbiedingen, (rechts)handelingen en dergelijke van ‘Arehbo service en advies’ en overeenkomsten tussen ‘Arehbo service en advies’ en de opdrachtgever is Nederlands recht van toepassing.
2. Alle geschillen die tussen partijen ontstaan naar aanleiding van een offerte, algemene aanbieding, (rechts) handeling, overeenkomst en dergelijke, waarop deze voorwaarden van toepassing zijn of naar aanleiding van overeenkomsten die hieruit voortvloeien, worden aanhangig gemaakt bij de bevoegde rechter te Arnhem, tenzij de wet anders voorschrijft.
bhv, ede, lunteren, harskamp, otterlo, ederveen, bennekom, barneveld, veenendaal, wageningen, reanimatie, defibrillator, defibrilleren, ehbo, aed, bedrijfshulpverlening, brand..
Dat internet ook belangrijk is voor onze organisatie weten onze klanten maar al te goed. Onze website proberen wij up to date te houden en wij streven daarnaast naar venieuwing. Inmiddels zijn er diverse mogelijkheden om internet ook in te zetten voor meer bekendheid op de bekende zoekmachines zoals Google. Dit lukt ons redelijk. Tegenwoordig (al weer een ruime tijd) is het een trend om de zgn. social media in te zetten. Arehbo volgt de trends op de voet en wil niet achterblijven. Sinds kort is Arehbo te vinden op o.a. Linkedin en Twitter. Mogelijk volgt Youtube. nu zit het met dat laatste wel goed maar wie weet.
Arehbo heeft inmiddels een eigen Linked In vermelding en ook op Twitter zullen wij meer van onze organisatie laten zien. Een Youtube account behoort tot de mogelijkheden.
![]() |
![]() |
![]() |
Hulpmiddelen bij Evacutie Vervoer van slachtoffersPosted on 30 september 2010 by bhvsupport
Hulpmiddelen bij Evacutie Vervoer van slachtoffers Dat hulpmiddelen bij evancuatie soms geen overbodige luxe zijn is als sinds jaar en dag bekend. Tijdens bijvoorbeeld 9/11 New York is er gebruik gemaakt van evacuatiestoelen, waarmee ook daadwerkelijk levens gered zijn. De … Continue reading →








